Welkom op deze site

Welkom op Nepal2Holland.nl! Wij, Jurgen en Barbara, hebben deze site aanvankelijk opgezet om geïnteresseerden op de hoogte te houden van alle avonturen die we meemaakten tijdens ons verblijf in een kindertehuis in  Nepal en tijdens onze fietstocht terug naar Nederland in 2005 en 2006. Maar inmiddels zijn er ook andere (fiets)reisverhalen op onze site terecht gekomen. Sinds 2010 rijdt ook Joris mee en dat heeft een heel andere dimensie aan onze reizen geven. Met zijn drieen hebben wij een fietsreis naar Gibraltar gemaakt. In 2012 heeft Robin zich bij de fietstrein aangesloten. Met beide jongens hebben we al vele mooie tochten gemaakt, onder andere naar Nieuw Zeeland!

We proberen de site zo actueel mogelijk te houden, zodat je een goede reden hebt om hier vaak terug te komen. Je kunt je hier ook op de nieuwsbrief abonneren, zodat je het laatste nieuws gewoon per e-mail thuisgestuurd krijgt. Heb je zin om kindertehuis Ramro Sathi of T.E.S.S. Unlimited te sponsoren, kijk dan eens bij Sponsoring goede doelen en zet ons aan het werk. Als je onze verhalen te lang vindt, of je bent gewoon visueel ingesteld neem dan een kijkje bij onze foto’s.

Gepost in Overig | Comments Off on Welkom op deze site

Van Tioman eiland naar Kuala Lumpur

We zijn weer op het vaste land, en hier is het meteen veel warmer dan op Tioman eiland. Dat valt nog niet mee. Helemaal omdat we dachten dat we eerst een dag vlak zouden fietsen, maar we gaan meteen klimmen. We hebben nog geen slaapplaats voor deze avond maar zien veel bordjes ‘homestay’ dus we gaan ervan uit dat het goed komt. In Kampong Feldar Nitar vinden we een kamer waar we een nachtje kunnen slapen. Het is nog wel vroeg, maar dat is niet erg. Kunnen we mooi even bijkomen en met de jongens van het dorp kletsen. Ze willen graag even op de Pino fietsen en Jurgen rijdt rondjes met de enthousiastelingen. Gelukkig vinden we ook een restaurantje. Omdat er niemand Engels spreekt komt de politieagent die een kopje thee drinkt onze bestelling opnemen. Wel even raar als er een politieagent met een opschrijfboekje aan je tafel verschijnt. Gelukkig krijgen we lekkere nasi. Wel een beetje pittig, maar beter pittige nasi dan een pittige bekeuring!

Het jammere is dat er op dit stuk weinig kleine wegen zijn, dus moeten we over de snelweg. Het voordeel is dat de weg niet zo erg druk is en door mooie gebieden gaat. Zo gaan we eerst een stuk door een uitloper van Taman Negara Johor Endau-Rompin, ook een tropisch regenwoud maar een ander dan waar we gelopen hebben. Daarna komen er veel palmolie plantages. De weg gaat op en neer maar is meestal goed te fietsen. We zien dorpjes en een kleine stad, soms zelfs een speeltuin en gelukkig genoeg plaatsen om te overnachten.

Als we in de buurt van Yong Peng een afslag zien naar een kleine weg aarzelen we niet. Daar gaan we heen. We komen bij een slagboom waar we gelukkig om heen kunnen fietsen. De weg is super! Dwars door een palmolie plantage. Als we al een eind op weg zijn stopt er een pick-up truck met een Chinese dame die ons vertelt dat we moeten omdraaien. Alle wegen in dit gebied lopen dood. Nou, dat zullen we nog wel eens zien! Als de truck weg is fietsen we verder. En als we het even niet meer weten komt er een man op een brommer voorbij die ons wijst waar we heen moeten. De pick-up zou het inderdaad zeker niet gered hebben op deze smalle weg, maar voor onze fietsen is het geen probleem. En via zandpaden komen we in een klein dorpje met een verharde weg. Volgens Robin was dit de mooiste weg. Hij wil eigenlijk terug rijden om hem nog eens te rijden.

We hebben het vaak over onze slaapplekken. De meeste zijn best okee. Maar soms tref je er een waarvan je denkt: waarom zijn we hier? In Batu Pahat bijvoorbeeld. De 3e verdieping is te hoog naar onze zin (je komt er dan moeilijker uit mocht er brand komen), de bedden zijn slecht, de douche is koud, de airco werkt slecht en het stinkt er naar sigarettenrook. Maar als je al lang door een stad gefietst hebt en niets beters hebt gevonden doe je het maar. Wat een verademing is het dan als je de dag daarna in Muar in WakaLily hostel komt. Het is er schoon, de airco werkt, er zijn stapelbedden waar de jongens blij mee zijn, de woonkamer is knus en Lily zelf is een schatje! Nou is ze ook fietser en reist ze graag dus ze weet precies wat mensen op reis nodig hebben. Ze neemt ons mee naar haar huis waar we rambutan mogen plukken en een kokosnoot mogen slachten. Daarna gaan we samen naar een Chinese foodmarket. Daar eten we rog en andere lekkere dingen die we nog nooit gegeten hebben.

Op weg naar Melaka komen we weer langs de zee! Dat is lang geleden dat we de straat van Melaka zagen! Melaka zelf is een grote stad met weer een fijn hostel: Ringo’s Foyer. Howard, de eigenaar, is zelf ook fietser en hij organiseert ook fietstochten voor de gasten in zijn hostel. Deze zaterdag organiseert hij een fietstocht door Melaka voor de Nederlandse ambassade. Echt leuk voor ons vind hij. Wij denken dat we met een paar Nederlanders een rondje fietsen, maar het blijkt echt een grote happening te zijn. Met wel 200 andere fietsers rijden we door Melaka langs de bezienswaardigheden van het Nederlandse koloniale verleden. We krijgen een mooi oranje t-shirt en ook nog een lunch. Het kan niet op. TDe volgende dag is het toch is het ook wel weer fijn om zelf verder te fietsen. Het laatste stuk naar Kuala Lumpur.

Eigenlijk had ik nog een ding op mijn wensenlijstje staan voor deze reis en dat was het zien van zeeschildpadden. Het is er nog niet van gekomen. Maar als we in Kampong Padang Kemunting slapen blijkt dat er 250 m verderop een zeeschildpaddenopvang zit. De schildpadden komen hier aan land om eieren te leggen. Die worden dan op een beschermd stuk strand uitgebroed. Het is nu het eind van het broedseizoen dus de kans dat ze aan land komen is klein. Maar in de opvang hebben ze ook grote schildpadden, dus hebben we ze toch nog gezien!

We rijden veel langs het strand en zo hebben we een echt vakantie gevoel. We slapen ook in echte beach resorts. De ene ziet eruit alsof er een kudde buffels doorheen gelopen heeft. De andere is wel echt luxe, met zwembad. Maar we zwemmen natuurlijk ook in de zee. Nu komt de tijd dat we van alles voor de laatste keer zien deze reis. Een palmolie plantage, een bananen plantage en een cactus plantage. Jurgens achterband houdt het ook voor gezien. Gelukkig kunnen we hem een paar keer oplappen, want een nieuwe vinden we niet zo 1 2 3.

Via de weg om het vliegveld rijden we de voorsteden van Kuala Lumpur in. Grote verschillen tussen nieuwbouwwoningen en krotten. Grote wegen maken plaats voor fietspaden. Fijn alleen moet je wel steeds de stoep op en af bij zijwegen dus is de gewone weg soms handiger. We zien de eerste wolkenkrabbers en andere grote gebouwen. Allemaal mooi versierd met Maleise vlaggen omdat het bijna onafhankelijkheidsdag is. We voegen in door 2 rijbanen met snel rijdende auto’s en maken zo echt deel uit van de stad. We zijn erg blij als we eindelijk het Nowherehostel vinden. Ons laatste huis in Maleisië voor de komende dagen.

We hebben dit hostel uitgezocht omdat het vlak bij een fietsenwinkel ligt waar we fietsdozen kunnen krijgen. Maar eerst gaan we nog 1x fietsen door Kuala Lumpur want we willen natuurlijk wel de Petronas towers zien. Als je vroeg in de ochtend vertrekt is het best goed te doen. We zien leuke dingen en komen bij de Petronas towers. Die zijn echt hoog! Er is een leuk park bij met een grote speeltuin. We wandelen er met de fietsen naar toe en krijgen enorm op onze kop omdat je niet mag fietsen in dit park. Dat we dat niet gedaan hebben komt niet echt aan bij de bewakers van de speeltuin. Iedereen die ook maar iets verkeerd lijkt te doen wordt van een afstand befloten en moet dan maar raden wat er niet goed is. Rare jongens die bewakers…. Gelukkig kan er toch nog lekker gespeeld worden voor we de drukke terugweg aanvaarden. Dit was echt het laatste fietstochtje. Op naar de fietsdozen.

Dat blijkt nog wat voeten in aarde te hebben. De dozen blijken 2 kleine dozen te zijn en een verdere zoektocht naar dozen levert niets op. Als we wat bedrukt bij het hostel aankomen ontmoeten we Ida, die het hostel runt. En wat blijkt: ze is een fietser! En heeft een vriend met een fietsenwinkel. Een telefoontje en het is geregeld! En niet zomaar geregeld. De fietsclub van Kuala Lumpur biedt ons hulp. Er komt een busje voorrijden waar we met de Pino inpassen en die scheurt ons dwars door KL. Dan komen we bij de winkel van Pedalasia. Daar wacht de rest van de club op ons. Eerst gaan we wat drinken. Ze geven ons dozen, helpen die op de goede maat te maken, rollen de fiets in plastic folie en daarna drinken we samen nog wat. Betalen? Nee, dat is niet nodig! Zo aardig! Maleisiëers, schatjes zijn het!

Als de fietsen ingepakt zijn is het alleen nog zaak om de rest uit te zoeken en in te pakken. En om een taxi te boeken om naar het vliegveld te komen. Als we daar mee bezig zijn worden we gebeld door Ash en Nurul, onze warm shower hosts uit Pekan. Ze waren op weg naar huis vanuit het noorden van Maleisië en komen nu speciaal voor ons met een enorme omweg naar KL. Zo leuk! We drinken samen wat en eten roti chanai. En dan moeten we echt afscheid van ze nemen. We zullen ze missen!

Nog een laatste nacht slapen en dan gaan we ‘s morgens heel vroeg op weg naar het vliegveld. Maleisië huilt, net als wij. Het regent pijpenstelen! Gelukkig gaat op het vliegveld alles goed. De bagage en fietsen mogen zonder problemen mee. We zien de fietsen door de scanner gaan, dat is leuk, hij heeft ineens een andere kleur! En dan zijn we, na een hele lange vlucht weer in Nederland en zit ons avontuur er op. Het is echt voorbij gevlogen. Zoveel mooie dingen, lieve mensen, mooie natuur. Het kan niet op! We worden door familie en vrienden opgewacht op Schiphol en bij thuiskomst worden we door de hele buurt verwelkomd. Dat is nog eens fijn tuiskomen! En nu: weer nieuwe plannen maken!

Voor nog meer foto’s van dit laatste deel van onze reis klik hier.

Gepost in 2018 - Nepal/Thailand + Maleisië, Reizen | Getagged , , | 2 Reacties

Naar de oostkust en naar Tioman eiland.

Als we terugkomen uit de jungle zijn we wel een beetje moe en willen we nog wel een dag in Merapoh blijven. Helaas is ons guesthouse de volgende dag besproken. De volgende morgen komt Joris uit de wc en zegt: zo kan ik echt niet op reis. Ook Jurgen heeft last van zijn buik. Gelukkig krijgen we een andere kamer en kunnen we een dagje bijkomen en beter worden. De volgende dag gaat het beter en gaan we op weg. We hebben een lange dag voor de boeg en moeten 70 km over de snelweg fietsen. Gelukkig is de weg nieuw en volgens de Maleisiëers vlak. Dat ‘vlak’ geloven we niet zo erg, want dat wordt altijd gezegd door automobilisten, maar het valt deze keer erg mee. De weg gaat midden door de jungle en dat is wel genieten. We zien wilde zwijnen en horen Siamang apen. Aan het begin van de middag komen we al in Kuala Lipis aan.

Het is geen regentijd in dit deel van Maleisië, maar dat wil niet zeggen dat het af en toe flink kan regenen. Na een avond vol regen en onweer stappen we de volgende morgen in Jerantut op de fiets. Als we van de hoofdweg een kleinere weg infietsen is het wegdek niet zo best. Even later staat de hele straat onder water! Er rijden wel een brommer en later een auto door, maar er zijn gaten en we weten niet precies waar die zitten. Dus doe ik mijn schoenen uit en waad met fiets en al door het water. Als Jurgen ziet dat het te doen is fietst hij achter ons aan. Even verder staat de weg weer onder water. Nu is het dieper. Maar als we voorzichtig langs de kant gaan gaat het goed. Robin vindt het helemaal geweldig! “Het is zo leuk om te zien hoe de auto’s door het water gaan, ik wil hier de hele dag wel blijven om te kijken.” Het is ook leuk om te zien. De pick ups rijden gewoon door, maar een opgepimpte auto met verlaagde bumper (waar ze hier erg van houden) waagt het niet en draait om. Helaas voor Robin gaan we toch weer verder en houden we de weg verder droog.

Het is een beetje puzzelen met het vinden van hotels op dit stuk van de reis. Als we eindelijk denken dat we de planning rond hebben voor de komende dagen blijkt er een oversteek in de rivier in te zitten waar geen brug of veer is…… Maar Maleisië is Maleisië en problemen zijn er om opgelost te worden. In de speeltuin spreek ik een moeder aan die goed Engels spreekt en een paar jaar in Denemarken heeft gewoond. Ik leg haar ons probleem voor en ze gaat meteen bellen. En voor we het weten hebben we het nummer van een meneer met een boot die ons wel de rivier over wil zetten. Super!

Als we de volgende dag het dorpje infietsen komt de man al meteen met de auto achter ons aan. Bij de steiger laden we de fietsen af en brengen we eerst de bagage en later de fietsen naar de boot. Het is een beetje prutsen, maar het past. En dan blijkt dat de meneer ons niet alleen naar de overkant, maar helemaal naar het Chinimeer gaat brengen. Aan de rand van het meer hebben we een hotel gezien, dus dat is helemaal leuk! Eerst steken we de grote rivier over en dan gaan we via kreken naar het meer. Onderweg zien we mooie bomen, apen en een boom over de kreek waar we ons net onderdoor kunnen wurmen. Dan komen we bij het meer.

Eigenlijk zijn het een aantal kleinere meertjes die met elkaar verbonden zijn. Er zijn prachtige roze waterlelies, en veel planten die in eilandjes boven het water uitsteken. Het is echt mooi en genieten! We leggen aan bij een plek waar de Orang Asli wonen, de oorspronkelijke bewoners van dit gebied. Ze hebben blaaspijpen waar ze pijlen mee schieten. Die gebruiken ze, met gif uit een boom, om vogels en apen te vangen. Maar ze hebben ook een schietschijf waar ze op oefenen. Dat is natuurlijk echt iets voor de jongens en ze beginnen meteen te oefenen. Het gaat echt goed. Joris besluit van zijn zakgeld een blaaspijp te kopen en is helemaal de koning te rijk als dat hem lukt met flink afdingen, want het is zijn laatste zakgeld.

Het hotel ligt prachtig aan het meer, maar het is vergane glorie. Je zou er zo iets moois van kunnen maken, maar helaas gebeurt dat niet. We waren van plan hier een rustdag te houden, maar als we een mailtje krijgen van Ash, een warmshower host dat hij ons alleen morgen kan hosten is de knoop snel doorgehakt. We gaan verder. We zijn nu bijna bij de oostkust en dat betekent een vlakke weg. Dat maakt dat we meteen een hoop kilometers extra kunnen maken. En dat is nodig ook want anders komen we niet in Pekan waar Ash woont.

Het klikt meteen met Ash en zijn vrouw Nurul. De kinderen kijken naar een Minions film, terwijl wij kletsen en Nurul heerlijk eten kookt (zonder pepers, speciaal voor de kinderen). Als de kinderen in bed liggen kletsen we nog verder met Ash die op een school lessen in buitensport geeft. De volgende ochtend kijken we met z’n allen Junglebook, erg toepasselijk na onze jungle avonturen. Daarna gaan we echt op weg, op naar de volgende warmshower host!

Het is Pak Yus en hij heeft een chaletverhuur aan het strand. Wij mogen er gratis kamperen. We hebben het kamperen erg gemist dus het is fijn om de tenten uit het vet te halen. Joris is erg blij want hij wil graag in de nieuwe eenpersoons tent slapen, en dat kan nu. We staan achter wat bosjes aan het strand, dus je rolt uit je tent zo het strand op. En dat betekent natuurlijk een rustdag en genieten maar! De jongens jutten op het strand spullen bij elkaar om bootjes van te maken. Er wordt gezwommen met de bootjes en met een body board dat ze op de camping vinden.

Jurgen geniet van zijn zijn rust in de hangmat en leest een boek. Als hij een blik in de boom boven de hangmat werpt ziet hij iets langs en groens zitten. Eerst denk hij dat het speciale peulen zijn, maar dan blijkt er een slangenkop aan te zitten. Ok, dan lig je ineens niet zo lekker meer in je hangmatje. Gelukkig is er internet: Het is een Oriental Whip snake en het blijkt dat de slang alleen gevaarlijk is voor kikkers en muizen. De meneer van de camping komt met een lange stok en verplaatst de slang buiten de camping. Dan kan Jurgen weer relaxen!

Wat is het heerlijk hier op het strand. Een kampvuurtje in de avond, krabben eten met Pak Yus en een andere fietsende gast. Het kan allemaal hier. Toch moeten we de volgende dag weer verder. We zijn op weg naar Tioman eiland en daar willen we ook nog wat dagen voor over hebben. De weg is recht en vlak, dus we kunnen makkelijk kilometers maken. Maar alleen recht en vlak kan ook wel saai worden, helemaal als het over de snelweg is. Maar het is voor een goed doel want in Kg Gemok kunnen we de boot nemen naar Tioman eiland.

Nou, even de boot nemen had eerst nogal wat voeten in aarde want het was niet duidelijk of onze fietsen wel mee mochten. Maar na een kort gesprekje tussen Jurgen en de kapitein was het snel geregeld gelukkig. Tassen in de boot, fietsen erop en gaan met die banaan.

Of liever gezegd golven maar! De boot ging aardig heen en weer. Ik kan daar niet goed tegen, maar nu bleek dat Robins maag het ook geen pretje vindt. Gelukkig helpt naar buiten kijken wel. Maar we zijn blij dat we weer vaste grond onder onze voeten hebben. En de vaste grond hier is prachtig! Tiomon eiland is een oude vulkaan. Een berg in het midden met jungle erop en strand eromheen. In de zee liggen koraalriffen dus wat wil een mens nog meer.

We gaan de eerste dag meteen snorkelen in de zee voor ons hotel. Daar is koraal, maar veel ervan is dood helaas. Toch zien we mooie dingen. Als we de volgende ochtend aan het ontbijt zitten komt de meneer van het hotel vertellen dat er straks een snorkel excursie vertrekt. Wij passen er nog bij in de boot en mogen voor een klein prijsje mee. Dat laten we ons geen 2 keer zeggen! We pakken de spullen bij elkaar en gaan op weg.

We zijn op pad met allemaal Maleisiëers en dat is heel gezellig. We gaan naar 4 verschillende plekken. Eerst gaan we snorkelen bij een eilandje. Daar zien we mooie vissen, gekleurd koraal, een kleine rog en veel zee-egels. Die laatste hebben wel enge ogen volgens Joris (en ik geef hem geen ongelijk!) Na 50 minuten snorkelen varen we naar Tekek, het hoofdstadje van Tioman, waar we rondkijken en tax free kunnen shoppen. Dan gaan we weer de zee op naar Marine reserve. Hier komen grote vissen vlak bij het strand. Echt leuk. Veel mensen voeren de vissen brood dus dan komen ze helemaal dichtbij. Helaas zitten hier ook veel kleine kwalletjes. Na zijn eerdere ervaring met kwallen is Robin snel het water weer uit. Gelukkig kun je er ook mooie zandkastelen bouwen. Onze laatste stop is weer bij een eilandje. Het is hier diep, dus de Maleisiëers, die niet goed kunnen zwemmen, blijven in de boot. Wij niet, en dat is maar goed ook want dit is de mooiste stop! Veel gekleurd koraal, zee-egels, 2 haaien, clowns visjes en andere mooie vissen zien we hier. Dat hadden we echt niet willen missen!

De volgende dag gaan we de jungle in. Dat was de wens van Robin. We lopen van Genting naar Paya. Er zijn geen grote wegen op dit deel van het eiland, dus je bent al snel in de jungle. Het is een leuk pad. Onderweg zien we veel varanen en apen. In Paya drinken we wat en dan gaan we weer terug door de jungle. Als we pauzeren op een grote steen bij het strand zien we vissen uit de zee spingen! Weer in Genting hebben we ‘s middags afgesproken met Ash, onze warm shower host uit Pekan. Hij is met zijn studenten hier op excursie. Echt leuk om hem weer te zien! We snorkelen nog in de zee bij ons hotel als er ineens een tropische onweersbui uit de lucht valt. Gelukkig is het snel weer droog en kunnen we het water weer in.

De dagen hier zijn veel te snel voorbij gegaan. We hebben nog geen zin, maar de boot vertrekt de volgende ochtend alweer. Dit keer gaan we naar Mersing, een stadje meer naar het zuiden. Dat scheelt ons een dag fietsen. Gelukkig zijn we voorbereid op de boottocht. Robin bemachtigt een plaats aan het raam en kijkt steeds naar buiten. Dat gaat prima! Barbara kletst met haar Belgische buurvrouw, dus die heeft ook nergens last van. Voor we het weten zijn we op het vaste land. Vanaf Mersing gaan we weer oversteken naar het westen van Maleisië. En wat we dan allemaal meemaken vertellen we in het volgende stukje.

Voor nog meer foto’s van deze etappe klik hier.

Gepost in 2018 - Nepal/Thailand + Maleisië, Reizen | Getagged , , , , | 9 Reacties

Naar de jungle

In Kota Bharu hebben we heerlijk genoten van het zwembad en de cultuur. We hebben gezien hoe ze op grote trommels trommelen en mochten zelf ook mee doen. Ook hebben we gezien hoe de vliegers gemaakt worden. Maar dan is het toch tijd om weer te vertrekken.

Onze eerste etappe is een korte. We hebben Ardy ontmoet op de parkeerplaats waar we geslapen hebben en hij woont hier in de buurt. Dus gaan we hem opzoeken. Het is altijd leuk om te zien hoe de Maleisiëers wonen en wat ze doen. Ardy is net terug uit Thailand waar hij bij een bijeenkomst voor toerfietsers is geweest. Zijn vriend Key was daar ook en komt nu ook langs. De fietsverhalen vliegen al snel door de lucht. Helaas voor de jongens zit het zoontje van Ardy de hele middag op school, dus ze moeten zichzelf vermaken. Maar ze hebben ook wel geluk want we gaan met de pick-up van Key, een echte Toyota Hilux (!) naar een restaurantje in de buurt. En als we weer terug komen zijn de vrouw, zoontje en dochtertje van Ardy er wel. En ze mogen nog even in de bak van de pick-up zitten.

Er wordt druk gespeeld, gekletst en nog een keer gegeten, want het eten in het restaurant was alleen maar een tussendoortje. Oeps, dat hadden we niet helemaal begrepen. Gelukkig lusten fietsers altijd wel wat…… De volgende morgen nemen we alweer afscheid van elkaar en gaan we op de fiets. We gaan op weg naar Taman Negara, een groot nationaal park.

Het is een eind fietsen en door de bergen, maar we beginnen met frisse moed. Het fijne idee is dat we, als we het niet meer zien zitten, de jungle trein kunnen nemen. Het is alleen erg warm, 34 graden, die door de grote luchtvochtigheid aanvoelt als 38 tot 42 graden. We gaan dus vroeg op pad. De weg begint al snel te klimmen. Soms is het goed te doen, maar er zijn ook steile heuvels die ik alleen duwend op kom. En als dan een niet bestaande weg een omweg van 10 km betekent wordt je daar niet vrolijk van.

Omdat we een stuk dubbel moesten rijden om naar een hotel te komen besluiten we een stukje te liften om de dagetappe korter te maken. Maar een lift vinden is nog niet eenvoudig. Iedereen wil ons steeds helpen en nu we hulp nodig hebben stopt er niemand. Als we de moed al op willen geven steek ik nog 1x mijn duim op naar een pick up en hij stopt! Dat scheelt toch mooi weer 5 km op en neer. Later zegt een meneer die we onderweg tegen komen: Ik zag jullie bij de snelweg staan zwaaien. Hadden jullie hulp nodig of zo? Liften is blijkbaar niet veelvoorkomend in Maleisië!

De volgende dag gaan we naar Dabong. Dat heeft nogal wat voeten in aarde want het is veel klimmen. De jungle is schitterend, dus dat maakt veel goed. Maar aan het begin van de middag is mijn inspiratie om nog verder te duwen onder het nulpunt gezakt. We besluiten een lift te zoeken en ondertussen nog even door te fietsen naar een drinkstalletje want ons water begint aardig op te raken. Waar ik net vertelde dat liften niet veelvoorkomend is hier, nog een tip: Probeer niet te liften tijdens het vrijdagmiddaggebed. Alle pickup bestuurders die normaal regelmatig voorbij komen zijn rustig aan het bidden. En geef ze eens ongelijk.

Ook zijn er geen drinkstalletjes te vinden dus we ploeteren rustig verder. De enige die onze jongens een lift wil geven tijdens een lange steile klim waarbij ze moeten lopen, is de bestuurder van een graafmachine! De jongens weten niet of wij dat wel goed vinden en vliegen opeens naar boven. De meneer van de graafmachine geeft ons wel zijn water! Tijdens de komende afdaling vindt Jurgen een huis waar we drinken krijgen. Na 4 liter drinken zien we het leven weer zonnig tegemoed. Achter het huis is een riviertje waar de kinderen van het huis aan het spelen zijn. Dat laten onze jongens zich geen 2x zeggen en ze verjagen de hitte van het lopen met een koele plons. En zo komen we toch weer opgewekt bij Rose house aan waar we ook meteen water, cake en thee krijgen. Als het dan ook nog begint te regenen en de jongens kunnen douchen onder de goot is het feest compleet!

We hebben wel wat rust verdient en blijven 3 nachten in Dabong. De eerste dag doen we lekker niets, de 2e dag gaan we erop uit. Met alle toeristen uit ons huis gaan we met een busje naar Gunung Stong. Hier is de hoogste waterval van Zuid Oost Azië. Het is een echt uitje zo in de bus. We vliegen over de heuvels zonder moeite! Maar Gunung Stong laat zich minder makkelijk bedwingen. Hiervoor moeten we toch echt in actie komen. We wandelen over een junglepad. Als het heel steil is hangt er een touw om je vast te houden. We wandelen, klimmen en klauteren omhoog.

We zien mooie planten en speuren door onze bamboe verrekijkers naar vogels. Na 450m komen we aan boven aan de waterval. Daar is een camping, en kun je bij het water komen. We bekijken eerst de waterval van boven en het uitzicht over het dal. Dan gaan we zwemmen onder aan een hoger stukje waterval. Het water is koud maar heerlijk fris! Hier kunnen we heerlijk genieten! Omdat je helemaal beneden ook kan zwemmen lopen we aan het begin van de middag weer naar beneden. Daar is een wat warmere poel met een slingertouw. Super leuk! Ook kun je een stukje op de waterval klimmen en dan naar beneden glijden. Een dag met een gouden randje!

En dat is nog maar het begin van ons jungle avontuur. Want vanuit Merapoh gaan we Taman Negara, het oudste tropisch regenwoud van de wereld bezoeken! Via Merapoh adventures gaan we 2 dagen de jungle in met Naza onze gids. We gaan eerst met de pick up naar het park. Dat is al een belevenis op zich. Je moet bij het informatie centrum alle spullen die je meeneemt opgeven. Zo willen ze voorkomen dat je troep achterlaat. Dan gaat het hek open en zegt Naza: Welcome in the national park! We gaan eerst nog een stukje met de jeep tot we kunnen gaan wandelen. En dan zijn we echt in de jungle. Een smal pad slingert tussen bomen en struiken door.

Het wordt een dag vol klimmen, wandelen, riviertjes oversteken en leren over de jungle. Naza, onze gids, is al 20 jaar gids hier en weet zoveel! Het is fruit tijd in de jungle en de jongens willen bij elke vrucht weten wat het is, welk dier het eet en of wij het ook kunnen eten. We zien veel huisjes van dieren, kakkerlakken bijvoorbeeld, en ook sporen van dieren. Zelfs de pootafdruk van een tapir!

De pauze bij een riviertje wordt niet alleen gebruikt om te eten, maar ook om lekker dammen te bouwen in de rivier. Bij een volgende rivier zijn veel zweetbijen. Ze komen op de achterkant van onze rugzakken af. Als je hele tas vol bijen zit is het toch wel spannend om hem weer op te pakken en op je rug te doen.

Na een hele dag klimmen komen we op de kampeerplek aan. We hebben geluk want we zijn de enige kampeerders. Tentjes opzetten en nog even zwemmen in de waterval. Dan mogen we een klein kampvuurtje maken, wat met al dat vochtige hout uit het tropisch regenwoud nog best een uitdaging is. Als het vuur brandt heeft Naza rijst met kip rendang voor ons gekookt. Wat een luxe!

Na de heerlijke maltijd maken we nog een klein wandelingetje door de donkere jungle. Ook weer een ervaring op zich! Wist je dat de ogen van de spinnen oplichten als je er met een zaklamp op schijnt? En hoe hoog bomen zijn als je er vanaf de onderkant op schijnt? Joris weet de spanning nog te verhogen. Net als Naza heeft verteld dat je bij overhangende takken moet oppassen voor slangen trapt Joris op het eind van een lange tak. Alles beweegt en iedereen schrikt zich een hoedje!

De volgende morgen worden we nog een beetje klam van de warmte van de tent wakker en heeft Naza alweer een heerlijk ontbijt gemaakt met roti chanai! Je kan de jongens niet blijer maken! Ze zijn moe van de eerste dag lopen en het late naar bed gaan, dus ze hebben ook wel iets lekkers verdient. We volgen vandaag dezelfde route als gisteren, maar doordat we veel afdalen gaat het sneller. Als we een riviertje oversteken zien we een Siamang aap door de bomen slingeren. Die zijn echt groot! Ook vliegen er neushorenvogels over. Eén vleugel is wel 2 meter lang! Na zoveel moois moeten we wel relaxen en pasta eten in de rivier! Wat een prachtige tocht is dit.

Maar de trukendoos is nog niet leeg. Als we weer bij het beginpunt zijn gaan we naar een riviertje waar een vissenreservaat is. We gaan met een gids de rivier in en mogen de vissen voeren en vangen met onze hand. Dat is toch moeilijk! Maar ook heel leuk! De vissen knabbelen aan je hand en floepen weg als je ze wil pakken. We houden er trots een vast, gevangen door de gids. Maar die heeft dan ook geoefend.

Nu gaan we met de jeep weer naar het begin van het park. Gelukkig hebben we meer plastic mee naar buiten genomen dan we mee hadden, dus mogen we weer naar ons guesthouse. We hebben een super tocht gemaakt! Dit is zeker een van de hoogtepunten van onze reis. Nu gaan we op weg naar de oostkust. En wat we daar beleven lees je in het volgende stukje.

Benieuwd naar nog meer foto’s? Klik dan hier.

Gepost in 2018 - Nepal/Thailand + Maleisië, Reizen | Getagged , , , , | 11 Reacties